Hechte wijkverbanden brengen zorg- en welzijnsprofessionals dichter bij elkaar. Maar hoe versterk je de samenwerking in de wijk? Dineke Hardebol, fysiotherapeut en vertegenwoordiger van de paramedische zorg in Huizen, vertelt over haar ervaringen binnen het hechte wijkverband.
Samenwerken vanuit een gezamenlijk belang
Voor Dineke was samenwerken in de wijk niet iets nieuws. Toch merkt zij dat de ontwikkeling naar hechte wijkverbanden een belangrijke verandering teweegbrengt. “Het geeft structuur, brengt mensen samen en helpt om goede ideeën daadwerkelijk van de grond te krijgen.”
Een succesvol wijkverband begint volgens haar met een andere manier van denken. Niet vanuit de eigen organisatie of discipline, maar vanuit de vraag: wat hebben inwoners nodig? “Al jaren kijken we niet alleen naar wat goed is voor onze praktijk, maar vooral naar wat fysiotherapeuten gezamenlijk kunnen betekenen voor inwoners van Huizen.”
Die houding heeft in Huizen geleid tot verschillende initiatieven, zoals projecten rondom kwetsbare ouderen, valpreventie en inmiddels ook artrose- en longzorg. Sommige projecten liepen al, maar krijgen nu nieuwe energie doordat ze wijkbreed worden georganiseerd.
Wat levert het hechte wijkverband op?
Een van de grootste voordelen ziet Dineke in het verbinden van professionals die elkaar eerder minder makkelijk vonden. Het hechte wijkverband zorgde er bijvoorbeeld voor dat binnen de paramedische zorg structurele achterbanbijeenkomsten zijn ontstaan. Hierdoor worden kennis, ideeën en signalen uit de wijk beter gedeeld.
Daarnaast helpt het wijkverband om projecten beter te ondersteunen. “Goede ideeën waren er vaak al. Het verschil is dat er nu middelen, ondersteuning en een structuur zijn om ze ook echt verder te brengen.”
Een belangrijke les: neem iedereen mee
Tegelijkertijd merkt Dineke dat het bouwen aan een hecht wijkverband tijd vraagt. Professionals bevinden zich niet allemaal in dezelfde fase. Sommige zorgverleners zijn al intensief betrokken, terwijl anderen nog moeten ontdekken wat een hecht wijkverband voor hen kan betekenen.
Juist daarom zijn communicatie en betrokkenheid zo belangrijk. “Ik ben inmiddels zo betrokken bij deze ontwikkeling dat ik soms vergeet dat niet iedereen dezelfde voorkennis heeft. Dan moet je echt weer even terug naar de basis.”
Dineke roept collega's dan ook op om deel te nemen aan achterbanbijeenkomsten, vragen te stellen en mee te denken over ontwikkelingen in de wijk. Zo ontstaat stap voor stap een breder draagvlak.
Waar moeten we voor waken?
Als er één aandachtspunt is dat Dineke wil meegeven aan andere wijken, dan is het de noodzaak om gericht op resultaten te blijven sturen.
“Het moet leiden tot oplossingen waar professionals én inwoners daadwerkelijk iets van merken.”
Volgens haar is goede procesbegeleiding daarbij essentieel. Projectgroepen moeten concrete doelen hebben, efficiënt werken en zichtbare resultaten opleveren. Alleen dan blijft het enthousiasme binnen de wijk groeien.
Een blik op de toekomst
Waar hoopt Dineke over twee jaar te staan? Haar antwoord is duidelijk: niet meer praten over samenwerking, maar samenwerking zichtbaar maken in de praktijk.
Ze schetst een toekomst waarin inwoners sneller op de juiste plek terechtkomen, zorgverleners elkaar eenvoudig weten te vinden en zorgprocessen op elkaar aansluiten.
“Uiteindelijk hoop ik dat zowel professionals als inwoners merken dat de zorg beter georganiseerd is. Dat mensen zich gehoord voelen en dat de juiste professionals rondom een hulpvraag samenwerken.”
Voor Dineke is dat waar hechte wijkverbanden uiteindelijk om draaien: niet de structuur zelf, maar de concrete meerwaarde voor inwoners en professionals in de wijk.